← Terug naar vraagstukken
Vraagstuk

Pensioen en vermogensopbouw

Als zzp'er bouwt u niet automatisch pensioen op via een werkgever. Ik reken door wat uw keuzes vandaag betekenen voor uw vermogen later.

Wat het inhoudt

Waar werknemers doorgaans automatisch pensioen opbouwen, is dat voor zzp'ers en veel particulieren geen vanzelfsprekendheid. Dat betekent dat u zelf moet nadenken over hoe u vermogen opbouwt voor later, via banksparen, beleggen, lijfrente, of een combinatie daarvan.

Ik breng uw huidige situatie in kaart en reken door wat verschillende opbouwroutes betekenen voor uw vermogen op de gewenste pensioenleeftijd. Zo ziet u concreet wat een keuze vandaag oplevert over 10, 20 of 30 jaar, in plaats van een vaag gevoel dat het "wel goed komt".

Voor wie is dit

  • Zzp'ers zonder automatische pensioenopbouw
  • Particulieren die willen weten of hun huidige opbouw voldoende is
  • Wie een concreet beeld wil van vermogen op de gewenste pensioenleeftijd
Werkwijze

Zo ga ik te werk

01

Huidige situatie

We brengen uw huidige opbouw, spaargeld en pensioenwens in kaart.

02

Scenario's doorrekenen

Ik reken verschillende opbouwroutes door en wat deze op de gewenste pensioenleeftijd opleveren.

03

Overzicht & vervolgstappen

U ontvangt een helder overzicht van wat uw keuzes vandaag betekenen voor uw vermogen later.

Uw fiscale ruimte in 2026

Hoeveel u aftrekbaar opzij mag zetten wordt bepaald door de jaarruimte. De berekening volgt een vaste formule: 30% van de premiegrondslag, verminderd met 6,27 maal factor A.

AOW-franchise
€ 19.172. Over dit deel van uw inkomen bouwt u al AOW op, dus daarover geldt geen aftrek.
Percentage
30% van de premiegrondslag, dat wil zeggen uw inkomen minus de AOW-franchise.
Inkomensplafond
€ 137.800. Boven dat inkomen groeit de jaarruimte niet verder; dit bedrag is voor 2026 bevroren.
Maximale jaarruimte
€ 35.589 voor wie geen pensioen via een werkgever opbouwt.
Reserveringsruimte
Tot € 42.753 aan onbenutte ruimte uit de afgelopen tien jaar, bovenop de jaarruimte.
Uiterste stortingsdatum
31 december. De aftrek volgt het jaar waarin u daadwerkelijk stort.

Wat klanten meestal vragen

Over welk jaar reken ik mijn jaarruimte?

De jaarruimte voor 2026 berekent u over uw inkomen en pensioenaangroei van 2025. Dat is een veelgemaakte fout: wie het lopende jaar als basis neemt, komt bij een wisselend inkomen al snel te hoog of te laag uit. Legt u meer in dan uw ruimte toelaat, dan is dat deel niet aftrekbaar terwijl de uitkering later wel belast wordt.

Wat is factor A en waar vind ik die?

Factor A is de pensioenaangroei die u in het voorgaande jaar via een werkgever heeft opgebouwd. U vindt het bedrag op uw Uniform Pensioenoverzicht of op mijnpensioenoverzicht.nl. Omdat u over dat deel al fiscaal gefaciliteerd opbouwt, wordt 6,27 maal factor A van uw jaarruimte afgetrokken. Bouwt u nergens pensioen op, dan is factor A nul en heeft u de volledige 30% ter beschikking.

Ik heb jaren niets ingelegd. Kan ik dat inhalen?

Ja, via de reserveringsruimte. U mag onbenutte jaarruimte van de afgelopen tien jaar alsnog gebruiken, in 2026 tot een maximum van € 42.753 bovenop uw gewone jaarruimte. Dat is aantrekkelijk na een goed winstjaar: u drukt de winst in een jaar waarin u in het hoogste tarief valt. De berekening vraagt wel om de inkomens- en pensioengegevens van al die jaren.

Is een lijfrente beter dan gewoon sparen of beleggen in box 3?

Fiscaal wint de lijfrente doorgaans op drie punten: u trekt de inleg af tegen uw marginale tarief, het tegoed valt niet in box 3, en de uitkering wordt later belast, vaak tegen een lager tarief na uw AOW-leeftijd. Daar staat één wezenlijk nadeel tegenover: het geld staat vast tot de pensioendatum. Vroegtijdig opnemen leidt tot belastingheffing plus revisierente. Wie zijn buffer nog moet opbouwen of binnen enkele jaren een grote uitgave verwacht, zet niet zijn hele ruimte vast.

Ik ben zzp’er zonder werkgeverspensioen. Waar begin ik?

Bij de vraag wat u straks nodig heeft naast de AOW, en niet bij het product. Zet eerst de AOW-basis en eventuele oude pensioenpotjes op een rij, bepaal daarna het gat, en vul dat pas in met een lijfrente- of bankspaarrekening. Even belangrijk is dat u kijkt naar arbeidsongeschiktheid: een pensioenopbouw die stilvalt bij ziekte laat een groter gat achter dan de meeste ondernemers verwachten.

Moet ik in één keer inleggen of per maand?

Voor de aftrek maakt het geen verschil, zolang de storting vóór 31 december is bijgeschreven. Maandelijks inleggen spreidt het instapmoment bij beleggen en maakt de last voorspelbaar. Eén storting aan het einde van het jaar heeft als voordeel dat u uw winst dan al vrijwel kent en de ruimte exact kunt benutten. Wacht in dat geval niet tot de laatste dagen van december: de bijschrijving moet binnen zijn, niet alleen de opdracht.

Klinkt dit als uw situatie?

Vraag een vrijblijvende offerte aan. U ontvangt een voorstel op maat, zonder verplichtingen.

Offerte aanvragen